fbpx

Contact

Neem contact met ons op.

Openingstijden app

Maandag tot en met donderdag: 8:30 tot 22:00 uur
Vrijdag: 8:30 tot 16:00 uur
Zaterdag: 10:00 tot 16:00 uur
Zondag: 10:00 tot 22:00 uur

Bezoekadres

Lopendediep 5
9712 NV
Groningen

KvK: 66929237
BTW: NL8567.56.623.B01
IBAN: NL93 ABNA 0483 1544 31

Net als in het Nederlands gebruik je in het Frans lidwoorden als je praat over zelfstandige naamwoorden.

Denk aan het huis, de bank, een boek. De, het, een zijn lidwoorden in het Nederlands. De Franse lidwoorden die je misschien al kent zijn le/la/l’/un/une. Er is echter in het Frans nóg een lidwoord, wat wij in het Nederlands niet kennen: het delend lidwoord. Wat is dit precies? Wanneer gebruik je het, en wanneer niet?
het delend lidwoord
Du / de la / de l’ / des
Als wij in het Nederlands praten over brood, bier, boeken, dan gebruiken we géén lidwoord. In het Frans moet je in zo’n geval wél een lidwoord gebruiken, dat het in het Frans l’article partitif. In het Nederlands vertaal je dat met het delend lidwoord.

De vormen zijn

  • du voor een mannelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud
  • de la voor een vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud
  • de l’ voor een mannelijk of vrouwelijk zelfstandig naamwoord in het enkelvoud dat begint met een klinker (a,e,i,o,u of een h die je niet uitspreekt)
  • des voor alle mannelijke of vrouwelijke zelfstandige naamwoorden in het meervoud

Voorbeelden:

Je mange du pain. Ik eet brood.
Je bois de la bière. Ik drink bier.
J’utilise de l’huile d’olive. Ik gebruik olijfolie.
J’achète des livres. Ik koop boeken.

Je gebruikt het delend lidwoord dus als het gaat om een onbepaalde hoeveelheid, je weet niet of het veel of weinig is.

Zo werkt de app

‘De’ in plaats van ‘du / de la / de l’ / des’
In sommige gevallen waarbij je in het Nederlands geen lidwoord zou gebruiken gebruik je in het Frans niet du / de la / de l’ of des maar de. Vaak gaat dit om zinnen waarbij de hoeveelheid toch op de één of andere manier is bepaald, bijvoorbeeld als je zegt: een beetje water, veel water, weinig water, geen water, een liter water. Begint het zelfstandig naamwoord (zoals water) in het Frans met een klinker of stomme h, dan gebruik je d’.

Voorbeelden:

Een beetje suiker Un peu de sucre
Veel bier Beaucoup de bière
Een liter water Un litre d’eau
Weinig boeken Peu de livres
Geen brood Pas de pain

In een ontkennende zin zal je dus altijd de / d’ moeten gebruiken als je een delend lidwoord tegenkomt.

Voorbeeld:

Ik drink een glas wijn. Je bois un verre du vin.
Ik drink geen glas wijn. Je ne bois pas un verre de vin.

Uitzonderingen
Daarnaast bestaan er nog enkele uitzonderingen op deze regels. Eén van de meeste bekende zie je bij de werkwoorden aimer / adorer / détester / préférer (houden van / dol zijn op / een hekel hebben aan / de voorkeur geven aan. Bij deze werkwoorden gebruik je altijd le / la / l’, en geen delend lidwoord.

Voorbeelden
Ik houd van thee. J’aime le thé.
Ik heb een hekel aan groente. Je déteste les légumes.

Oefeningen

  1. Zij eet geen brood.
  2. Wij kopen olijfolie.
  3. Ik ben dol op koffie.
  4. Ik heb veel appels.

Antwoorden

  1. Elle ne mange pas de pain.
  2. Nous achetons de l’huile d’olive.
  3. J’adore le café.
  4. J’ai beaucoup de pommes.



 

 

 

Deze uitleg is geschreven door Tristan.

Heb je vragen over dit onderwerp?

Stel je vraag via de app

Chat
Chat

Hulp nodig met je huiswerk?

Loop je tegen een lastige berekening aan of ben je even kwijt of je ‘word’ met een d of een dt schrijft? Meld je nu aan en stuur Mr. Chadd een bericht!

icon-external-link cancel close check cog graduate navigatedown icon-info icon-phone icon-mail icon-chat icon-facebook icon-instagram icon-twitter icon-youtube icon-play icon-eye whatsapp