Een nieuw jaar, een frisse start. Nu een jaar lang Mr. Chadd met €50,- korting met de code:

JAAR2022

Naamvallen: welke zijn er en hoe gebruik ik ze?

Naamvallen. Iedereen die Duits moet leren heeft er een hekel aan. Maar het hoeft echt niet zó moeilijk te zijn als je een paar simpele regels volgt.

Naamvallen Duits

Maar welke? En hoe vervoeg ik ze nu goed? Hier leggen we het helemaal voor je uit!

Er zijn in het Duits vier naamvallen. De functie van elke naamval wordt hieronder uitgelegd met een voorbeeld. Vervolgens wordt nog een overzicht gegeven van de vervoegingen voor de ‘der’-groep en de ‘ein’-groep.

De eerste naamval

Dit is der Nominativ en wordt gebruikt wanneer het woord het onderwerp is van de zin. Bijvoorbeeld:

NL: De hond is ziek.

DU: Der Hund ist krank.

De tweede naamval

Dit is der Genitiv en wordt gebruikt bij een bezit of als het bij iets anders hoort. In het Nederlands staat er dan vaak ‘van de’, ‘van het’, ‘van deze’ etc. Het woordje ‘van’ verdwijnt dan in het Duits en daarvoor wordt deze naamval gebruikt. Bijvoorbeeld:

NL: De portemonnee VAN mijn broer was gestolen. -> dit geeft bezit aan

DU: Die Brieftasche meines Bruder s war gestohlen worden.

De derde naamval

Dit is der Dativ en wordt gebruikt wanneer het woord een meewerkend voorwerp is in de zin. Voor een meewerkend voorwerp komt in het Nederlands altijd ‘aan’ of ‘voor’, of dat kun je ervoor denken. Bijvoorbeeld:

NL: Ik geef mijn vader een boek -> Ik geef AAN mijn vader. Mijn vader = Meewerkend voorwerp

DU: Ich gebe meinem Vater ein Buch

Ook wordt het gebruikt na bepaalde vaste voorzetsels , namelijk: aus, bei, mit, nach, seit, von, zu, entgegen, außer en gegenüber.

De vierde naamval

Dit is der Akkusativ en wordt gebruikt wanneer het woord een lijdend voorwerp is. Deze kan gevonden in een zin door te vragen: ‘wie/wat + persoonsvorm + onderwerp’. Bijvoorbeeld:

NL: De vrouw koopt een boek. -> Wat koopt de vrouw?  Een boek = Lijdend voorwerp

DU: Die Frau kauft ein Buch.

Ook wordt het gebruikt na bepaalde vaste voorzetsels , namelijk: durch, für, ohne, um, bis, gegen en entlang.

#Uitgangen per naamval

Naamvallen

naamvallen

Kan je wel wat extra uitleg gebruiken? Misschien is 1-op-1 bijles voor Duits wel wat voor jou?

Leerlingen die hier vragen over hebben, keken ook naar:

Der, die of das: welke gebruik je wanneer?

Dativ en Akkusativ

De bezittelijke voornaamwoorden: wat zijn ze en hoe maak je ze?

Docent of directeur? Vraag een gratis testperiode aan!

Mr. Chadd uitproberen? Dat kan nu twee weken gratis en geheel vrijblijvend met jouw klas! We komen graag in contact om de mogelijkheden te bespreken.

Ik laat u graag zien hoe Mr. Chadd werkt!

Docent of directeur? Vraag een gratis informatiepakket aan

Laat hieronder uw gegevens achter en we sturen u een gratis informatiepakket over Mr. Chadd op!

Ik vertel u graag over de voordelen van Mr. Chadd!

Docent of directeur? Neem contact op

Bent u benieuwd naar de voordelen van Mr. Chadd of heeft u andere vragen? Laat uw gegevens achter en wij nemen zo snel mogelijk contact op.

Ik vertel u graag meer over Mr. Chadd!
Zo werkt het Academy Over ons
{"api_base_path":"https://c.mrchadd.nl","funnel_return_domain":"https://www.mrchadd.nl","third_party_js_asset":"third-party.js"}