fbpx

Contact

Neem contact met ons op.

Openingstijden app

Maandag tot en met donderdag: 8:30 tot 22:00 uur
Vrijdag: 8:30 tot 16:00 uur
Zaterdag: 10:00 tot 16:00 uur
Zondag: 10:00 tot 22:00 uur

Bezoekadres

Lopendediep 5
9712 NV
Groningen

KvK: 66929237
BTW: NL8567.56.623.B01
IBAN: NL93 ABNA 0483 1544 31

Fasen: in welke toestanden kan een stof voorkomen en wat zijn de verschillen?

0

Je komt het vaak tegen bij het maken van opdrachten: fasen.

Maar wat is het nou, en wanneer zijn fasen belangrijk?

De drie fasen van een stof
Een stof kan voorkomen in 3 fasen (of toestanden): Gas, vloeistof en vast.

Er worden afkortingen gebruikt voor de verschillende stoffen.

  • Een vaste toestand geef je aan met (s), van het Engelse solid.
  • De vloeibare toestand geef je aan met (l), van het Engelse liquid.
  • De gasvormige toestand geef je aan met een (g).

Dus, als je ijs op een scheikundige manier wilt opschrijven, is het: water (s). Vloeibaar water is water (l), en verdampt water is water (g).

Verschillen tussen de fasen

Elke stof is opgebouwd uit moleculen. Deze moleculen gaan verbindingen met elkaar aan, en dit bepaalt de fase van de stof. De verschillen tussen de drie toestanden worden veroorzaakt door hoe de moleculen onderling met elkaar zijn verbonden.

De verschillende fases van stoffen kan je zien in figuur 1.

  • In vaste stoffen zijn de moleculen stevig aan elkaar gebonden. Er is niet echt beweging mogelijk, daarom heeft de stof een eigen vorm.
  • Bij vloeistoffen zijn de bindingen tussen de moleculen wat losser. Hierdoor is er wel beweging mogelijk, maar de vloeistof blijft wel bij elkaar. Vloeistof neemt de vorm aan van datgene waarin het wordt gegoten.
  • In gassen zijn de bindingen tussen de moleculen erg zwak. De moleculen kunnen in alle richtingen bewegen en zullen zich ook verspreiden.

Fasen atomen
Figuur 1: Verschillende fasen van stoffen (Bron: https://www.wetenschapsschool.nl/chapter/Materiaal_2_Faseovergangen.html)

Faseovergangen

Er is voor elke faseovergang een naam. Deze zijn in figuur 2 samengevat.
De stof water is een uitzondering: de overgang van vloeibaar water naar vast water heet bevriezen.

 

Fasen van een stof

Figuur 2: Faseovergangen (Bron: https://www.wetenschapsschool.nl/chapter/Materiaal_2_Faseovergangen.html)

In welke fase een stof voorkomt hangt af van de omgeving.
Bij een lage temperatuur is een stof vast, als de temperatuur toeneemt wordt de stof vloeibaar, en als de temperatuur hoog genoeg wordt, wordt de stof een gas.

Het hangt van de stof af waar het smeltpunt en het kookpunt ligt:
Water bevriest onder de 0 ℃ (smeltpunt), is vloeibaar tussen 0 en 100 ℃ en is gasvormig boven de 100 ℃ (kookpunt).
Ijzer zie je meestal in de vaste vorm, het wordt pas vloeibaar bij een temperatuur van 1538 ℃ (smeltpunt), en het kookpunt ligt pas bij 2862 ℃.


Belinda

 

 

 

Deze uitleg is geschreven door Belinda.

Heb je vragen over dit onderwerp?

Stel je vraag via de app

Andere bezoekers keken ook naar: Scheikundige reactievergelijking oplossen: hoe doe je dat?

Zo werkt Mr. Chadd

Chat
Chat

Hulp nodig met je huiswerk?

Loop je tegen een lastige berekening aan of ben je even kwijt of je ‘word’ met een d of een dt schrijft? Meld je nu aan en stuur Mr. Chadd een bericht!

icon-external-link cancel close check cog graduate navigatedown icon-info icon-phone icon-mail icon-chat icon-facebook icon-instagram icon-twitter icon-youtube icon-play icon-eye whatsapp