fbpx

Contact

Neem contact met ons op.

Openingstijden app

Maandag tot en met donderdag: 8:30 tot 22:00 uur
Vrijdag: 8:30 tot 16:00 uur
Zaterdag: 10:00 tot 16:00 uur
Zondag: 10:00 tot 22:00 uur

Bezoekadres

Lopendediep 5
9712 NV
Groningen

KvK: 66929237
BTW: NL8567.56.623.B01
IBAN: NL93 ABNA 0483 1544 31

Nevenschikkend en onderschikkend in een zin: wat houdt dit in en wat is nou precies het verschil tussen deze twee?

Mr. Chadd legt het je allemaal uit!

nevenschikkend
In het Nederlands bestaan er enkelvoudige en samengestelde zinnen. Een enkelvoudige zin heeft maar 1 persoonsvorm en is vaak best kort, bijv. “Ik ben vandaag niet naar school gegaan.”
Samengestelde zinnen zijn iets lastiger, omdat ze meerdere persoonsvormen hebben en vaak wat langer zijn, bijv. “Ik ben vandaag niet naar school gegaan, omdat ik ziek ben.”
Er bestaan twee soorten samengestelde zinnen: nevenschikkend en onderschikkend.


Nevenschikkend
Bij een nevenschikkende zin zijn er meerdere hoofdzinnen aan elkaar vast geplakt. Je kan zo’n nevenschikkende zin op drie manieren herkennen:

  • Je kan de zin uit elkaar halen. De zin “De man ging naar buiten, opende zijn auto en reed weg” kan bijvoorbeeld in drieën gedeeld worden: “De man ging naar buiten. Hij opende zijn auto. Hij reed weg.”
  • De persoonsvormen staan telkens vooraan in de hoofdzinnen
  • Bepaalde voegwoorden: Want Of En Maar (WOEM)

    Zo werkt de app

Onderschikkend
Een onderschikkende zin bestaat altijd uit 1 hoofdzin en 1 bijzin. In een bijzin staat de persoonsvorm niet altijd vooraan. Een voorbeeld van een onderschikkende zin is: “Ik liep naar huis, omdat mijn fiets kapot was.” Zoals je ziet staat de persoonsvorm was helemaal achteraan, daaraan kan je herkennen dat het tweede deel een bijzin is!
Een onderschikkende zin kan je ook op drie manieren herkennen:

  • Je kan de zin niet mooi uit elkaar halen. Je kan bijvoorbeeld niet zeggen “Ik liep naar huis. Omdat mijn fiets kapot was.” Het tweede deel is dan geen goeie zin 😉
  • De persoonsvormen staat in een van de twee delen van de zin achteraan.
  • Voegwoorden zoals “dat, waar, omdat, doordat, als, etc.”
  • En nu jij!
    Wil jij nog even oefenen met nevenschikkende en onderschikkende zinnen? Onderstreep in onderstaande zinnen de persoonsvormen en voegwoorden en bepaal of ze neven- of onderschikkend zijn!

    • Ik weet nog niet of ik naar jouw feestje kan komen, want ik moet misschien merken.
    • Mijn zusje kreeg vandaag een cadeautje van mijn ouders, omdat ze haar havodiploma gehaald heeft!
    • De overvaller wilde wegrennen, maar de politie was er als de kippen bij en arresteerde de man.



     

     

     

    Deze uitleg is geschreven door Jeffrey.

    Chat
    Chat

    Hulp nodig met je huiswerk?

    Loop je tegen een lastige berekening aan of ben je even kwijt of je ‘word’ met een d of een dt schrijft? Meld je nu aan en stuur Mr. Chadd een bericht!

    icon-external-link cancel close check cog graduate navigatedown icon-info icon-phone icon-mail icon-chat icon-facebook icon-instagram icon-twitter icon-youtube icon-play icon-eye whatsapp