Een jaar lang altijd en overal huiswerkhulp van Mr. Chadd, nu met €50,- korting met de code:

JAAR2021

Schepen tijdens de Gouden Eeuw

Nederland was tijdens de Gouden Eeuw (1600-1700) een machtig en rijk land.

Een groot deel van die rijkdom heeft Nederland, dat in die tijd

de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden werd genoemd, te danken aan de ontwikkelingen in de scheepsbouw en scheepvaart in die tijd.

Wat waren de belangrijke soorten schepen uit die tijd? Naar welke landen voeren de Nederlanders? Welke conflicten waren er op zee?

Schepen gouden eeuw

Nieuwe soorten schepen

Voor de Gouden Eeuw was Amsterdam nog niet een grote handelsstad, dat veranderde echter aan het einde van de zestiende eeuw. Mede door het Spaanse beleg van Antwerpen (1585) trokken veel handelaren naar Amsterdam. Amsterdam was sinds kort een handelsstad in opkomst, dat kwam mede dankzij de succesvolle handel met het Oostzee gebied (met onder meer Polen en Lijfland, wat tegenwoordig Estland en Letland heet). Uit deze gebieden haalden zij bulkgoederen, dat waren artikelen die niet veel opleverden maar die men in Europa wel in grote hoeveelheid nodig had, zoals graan en hout. Amsterdam werd een zogenaamde stapelmarkt , waar handelaren uit Europa zulke goederen altijd konden vinden.

Nederland was zo succesvol in deze handel door nieuwe schepen genaamd fluitschepen . Deze schepen hadden een relatief kleine bemanning nodig (ongeveer 12 man) om veel goederen te vervoeren in het grote ruim. Het dek van het schip was dan weer heel smal, omdat je bij de Sont (het water tussen Denemarken en Zweden) tol moest betalen afhankelijk van hoe breed het dek van je schip was. Deze schepen waren zo geschikt voor het vervoeren van grote transportladingen dat zij ook werden gebruikt voor bijvoorbeeld de haringvaart in het Noordzeegebied en de walvisvaart.

Zo werkt de app

Door deze verbeterde handelspositie ging Nederland zich ook meer bemoeien met de handel van dure specerijen in Azië. Om geen last te hebben van interne concurrentiestrijd werd de VOC (Verenigde Oostindische Compagnie) opgericht. Deze werd in korte tijd zeer succesvol. Om zeer grote hoeveelheden goederen te kunnen vervoeren werd er gebruik gemaakt van Spiegelretourschepen. Deze schepen waren veel groter dan fluitschepen, zij waren gemiddeld zo’n 40 meter lang, en er voeren ongeveer 200 mensen op zo’n schip. Aan boord waren er ook enige kanonnen geplaatst zodat het schip zich kon verdedigen tegen bijvoorbeeld vijandige Portugese of Spaanse schepen. Ook had de VOC speciale fregatten (oorlogsschepen) die de vloot begeleidden tijdens hun gevaarlijke onderneming, deze waren vaak bewapend met tientallen kanonnen. De omstandigheden aan boord van deze schepen waren vaak niet prettig. Er was sprake van slechte hygiëne, weinig gezond voedsel en daardoor dus veel ziekte. Vaak overleefden maar de helft van de matrozen de lange zeereis.

Reizen naar verre landen en conflict op zee

Tijdens met name het begin van de zeventiende eeuw voeren Nederlandse zeevaarders de hele wereld over, zij ontdekten hierbij bijvoorbeeld Australië en Nieuw-Zeeland, en stichtten wereldwijd koloniën, bijvoorbeeld Nieuw-Amsterdam, het huidige New York en Batavia, in het huidige Indonesië, wat toen al snel Nederlands-Indië werd genoemd. Ook ging Nederland zich bemoeien met de ‘driehoeksvaart’. Vanuit Nederland voer men met onder meer wapens naar Afrika, die werden daar geruild voor slaven. Deze slaven werden verscheept naar Amerika en daar verkocht. Vervolgens werden daar specerijen gekocht om vervolgens in Europa weer met winst te kunnen verkopen. Ook voor deze handel werd er een compagnie opgericht die het alleenrecht had om voor Nederland deze handel te bedrijven: de WIC (West-Indische Compagnie).

Al deze handel vond plaats tijdens een periode van veel onderlinge oorlog in Europa, waaronder de Tachtigjarige Oorlog tussen Nederland en Spanje. Om die reden werden zelfs transportschepen bewapend en werden handelsvloten begeleid door oorlogsfregatten. Nederlandse schepen ondervonden last van piraterij, bijvoorbeeld bij de kust van het Franse Duinkerken. Zelf maakte Nederland zich ook schuldig aan piraterij: in 1628 veroverde Piet Hein namens de WIC de Spaanse zilvervloot, dat was een handelsvloot die de jaarlijkse winst uit goud en zilvermijnen naar Spanje zou brengen. Zulke successen op zee waren niet alleen goed voor de financiën, maar ook goed voor de moraal van de Nederlanders in de oorlog tegen de Spanjaarden.

Oefenvraag

Wat maakte de fluitschepen zo geschikt voor de Oostzeehandel en de spiegelretourschepen zo geschikt voor de handel met Nederlands-Indië?

Leerlingen die hier vragen over hebben, keken ook naar:

Kunst in de Gouden Eeuw

De Gouden Eeuw

Gouden Eeuw: waar vind ik beeldmateriaal?

Docent of directeur? Vraag een gratis testperiode aan!

Mr. Chadd uitproberen? Dat kan nu twee weken gratis en geheel vrijblijvend met jouw klas! We komen graag in contact om de mogelijkheden te bespreken.

Ik laat u graag zien hoe Mr. Chadd werkt!

Docent of directeur? Vraag een gratis informatiepakket aan

Laat hieronder uw gegevens achter en we sturen u een gratis informatiepakket over Mr. Chadd op!

Ik vertel u graag over de voordelen van Mr. Chadd!

Docent of directeur? Neem contact op

Bent u benieuwd naar de voordelen van Mr. Chadd of heeft u andere vragen? Laat uw gegevens achter en wij nemen zo snel mogelijk contact op.

Ik vertel u graag meer over Mr. Chadd!
Zo werkt het Academy Over ons
{"api_base_path":"https://c.mrchadd.nl","funnel_return_domain":"https://www.mrchadd.nl","third_party_js_asset":"third-party.js"}