fbpx

Contact

Neem contact met ons op.

Openingstijden app

Maandag tot en met donderdag: 8:30 tot 22:00 uur
Vrijdag: 8:30 tot 16:00 uur
Zaterdag: 10:00 tot 16:00 uur
Zondag: 10:00 tot 22:00 uur

Bezoekadres

Lopendediep 5
9712 NV
Groningen

KvK: 66929237
BTW: NL8567.56.623.B01
IBAN: NL93 ABNA 0483 1544 31

‘Est ist’ en ‘es gibt’ zijn twee handige woordcombinaties.

Maar wat zijn de verschillen ertussen en wanneer gebruik je welke combinatie?

‘Est gibt’ en ‘es ist’ kun je allebei vaak vertalen met ‘er zijn’. Maar er zijn toch een paar belangrijke verschillen tussen. Laten we eerst kijken naar het grammaticale verschil!
es ist of es gibt
Grammatica
Achter ‘es gibt’ komt een akkusativ, terwijl achter ‘es ist’ een nominativ komt te staan. ‘Gibt’ is een werkwoord met een vaste naamval. Het gebruikt altijd de akkusativ bij het volgende woord! ‘Ist’ is echter een koppelwerkwoord. Zoals je vast wel weet, koppelt dat het onderwerp en het naamwoordelijk deel van het gezegde aan elkaar. Hier is dat ook zo. Daarom moet het naamwoordelijke deel van het gezegde in dezelfde naamval als het onderwerp, dus de nominativ!

Maar wanneer gebruik je de twee verschillend woordcombinaties?

Es gibt
‘Es gibt’ betekent ‘er is/zijn’ en je gebruikt het in algemene uitspraken. Zo kun je bijvoorbeeld het volgende zeggen: ‘Es gibt viele Hunde in dieser Stadt’ (‘er zijn veel honden in deze stad’). Het is een algemene uitspraak, want het gaat niet om een bepaalde groep honden en het gaat niet om een bepaald moment waarop er veel honden zijn. Er zijn over het algemeen veel honden in de stad, dus gebruiken we ‘es gibt’ en niet ‘es ist’.

Je kunt ook ‘es gibt’ gebruiken in een als-dan zin, zoals de volgende: ‘Gibt es gutes Brot, esse ich gerne Frühstück.’ (‘Als er goed brood is, eet ik graag ontbijt.’)

Es ist
Je gebruikt ‘es ist’ wanneer je het hebt over een specifieke situatie. Bijvoorbeeld wanneer je door een park loopt en ziet dat er op dat moment veel honden zijn, dan zeg je ‘Es sind viele Hunde im Park.’ Nu gaat het om de honden op een specifiek moment. Die honden zijn er over het algemeen niet, dus gaat het niet om een algemene uitspraak. Zie je al het verschil tussen ‘es ist’ en ‘es gibt’?

Zo werkt de app

Uitdrukkingen
Er zijn ook een aantal uitdrukkingen die altijd ‘gibt’ of altijd ‘ist’ gebruiken. Dit zijn er een aantal die handig zijn om te weten:

  • Gibt es Fragen? (Zijn er vragen?)
  • Was gibt es Neues? (Is er nog nieuws?)
  • Was gibt es? (Wat is er?)
  • Heute Abend gibt es bei uns Spaghetti. (Vanavond eten wij spaghetti.)
  • Wann gibt es Abendessen? (Wanneer is het avondeten?)
  • Gibt es ein Problem? (Is er een probleem?)
  • Es sind 25 Grad Celsius. (Het is 25 graden celsius.)

Oefenzinnen

  1. Es (sind/gibt) viele Probleme im Leben.
  2. Jetzt (ist/gibt) es nur ein Tourist im Museum
  3. (Sind/Gibt) es viele Leute auf der Party?
  4. Es (sind/gibt) in Berlin gute Bäcker.

Antwoorden

  1. gibt
  2. ist
  3. sind
  4. gibt



 

 

 

Deze uitleg is geschreven door Maurice.

Chat
Chat

Hulp nodig met je huiswerk?

Loop je tegen een lastige berekening aan of ben je even kwijt of je ‘word’ met een d of een dt schrijft? Meld je nu aan en stuur Mr. Chadd een bericht!

icon-external-link cancel close check cog graduate navigatedown icon-info icon-phone icon-mail icon-chat icon-facebook icon-instagram icon-twitter icon-youtube icon-play icon-eye whatsapp