fbpx

Contact

Neem contact met ons op.

Openingstijden app

Maandag tot en met donderdag: 8:30 tot 22:00 uur
Vrijdag: 8:30 tot 16:00 uur
Zaterdag: 10:00 tot 16:00 uur
Zondag: 10:00 tot 22:00 uur

Bezoekadres

Lopendediep 5
9712 NV
Groningen

KvK: 66929237
BTW: NL8567.56.623.B01
IBAN: NL93 ABNA 0483 1544 31

Rekenen aan reacties

Vaak is het handig om te weten hoeveel beginstof je nodig hebt om een bepaalde hoeveelheid product te krijgen.

Of andersom, als je wilt weten hoeveel product er ontstaat bij een bepaalde beginconcentratie. Je moet dus kunnen rekenen aan reacties.

Stappenplan

  1. Stel de reactievergelijking op.
  2. Reken de massa of het volume van de gegeven stof om naar het aantal mol.
  3. Leid de molverhouding af.
  4. Bereken het aantal mol gevraagde stof.
  5. Reken het aantal mol stof om naar de gevraagde eenheid.

Voorbeeld
Koper(II)oxide kan reageren met methaan. Er vormt dan vast koper, koolstofdioxide en nog een stof. Bereken hoeveel gram koper er ontstaat als 32 gram koper(II)oxide reageert met een overmaat methaan.

  1. 4 CuO s+CH4→4 Cu s+CO2 g+2 H2O (l)
  2. Je moet berekenen hoeveel mol 32g CuO is. Om van gram naar mol te gaat moet je delen door de molaire massa. De molaire massa kan je zelf berekenen door middel van het periodiek systeem, of soms vinden in tabel 98 van de Binas. CuO staat in tabel 98, dus die molaire massa kan je overnemen: 79,55 g/mol.
    32 / 79,55 = 0,40226 mol CuO
  3. Om de molverhouding te bepalen kijk je naar de coëfficiënten voor de gegeven en gevraagde stof in de reactievergelijking. Voor CuO staat een 4, voor Cu staat een 4. De verhouding CuO:Cu is dus 4:4, wat gelijk is aan 1:1.
  4. De molverhouding is 1:1, dat betekent dat er evenveel mol Cu ontstaat, als CuO er reageert. Er ontstaat dus ook 0,40226 mol Cu.
  5. Je moet berekenen hoeveel gram 0,40226 mol Cu is. Om van mol naar gram te gaat moet je vermenigvuldigen met de molaire massa. De massa staat in het periodiek systeem, dus die molaire massa kan je overnemen: 63,55 g/mol.
    0,40226*63,55=26 gram koper.

Opgaven
Je lost 2 gram natriumsulfaat op 500 mL water, bereken de hoeveelheid mol natriumionen en sulfaationen in het water.
Je verbrandt 8,0 mL benzeen (C6H6). Bereken hoeveel mL CO2 er ontstaat. Stel Vm op 24,0 dm3/mol.

Lukt het nog niet helemaal om de juiste berekeningen uit te voeren bij reacties? Geen probleem, de slimme coaches van Mr. Chadd staan klaar om je hierbij te helpen!

Chat
Chat

Hulp nodig met je huiswerk?

Loop je tegen een lastige berekening aan of ben je even kwijt of je ‘word’ met een d of een dt schrijft? Meld je nu aan en stuur Mr. Chadd een bericht!

icon-external-link cancel close check cog graduate navigatedown icon-info icon-phone icon-mail icon-chat icon-facebook icon-instagram icon-twitter icon-youtube icon-play icon-eye whatsapp